De Jonge Akademie

Ga direct naar de inhoud
Ga direct naar de site navigatie
Ga direct naar zoeken

Week 11: dagboek van Maaike Kroon

12 november 2012

Hoe verloopt een week (5 november tot 11 november) van wetenschapper Maaike Kroon? Maaike Kroon is verbonden aan de Technische Universiteit Eindhoven, waar zij onderzoek doet naar het ontwerpen van nieuwe extractanten en adsorbentia voor zeer selectieve en energie-efficiënte scheidingsprocessen.

Maandag 5 november

Sinds september is het nieuwe ‘Bachelor College’ van start gegaan aan de TU Eindhoven. Dat is een nieuw onderwijssysteem, waarbij alle studenten (onafhankelijk van de studiekeuze) een aantal vakken gemeenschappelijk krijgen. Daarnaast is er veel persoonlijke keuzevrijheid in het samenstellen van het eigen vakkenpakket. Studenten kunnen er zowel voor kiezen om de diepte van een bepaald vakgebied in te duiken, als de breedte te verkennen door diverse vakgebieden te combineren. Iedere student stelt op die manier zijn eigen unieke studie samen. Het nieuwe programma heeft de TU/e geen windeieren gelegd. Het aantal eerstejaarsstudenten is namelijk enorm toegenomen (bij mijn faculteit steeg het aantal eerstejaarsstudenten in de Bachelor van 59 in 2011 naar 79 in 2012).

Vandaag kwamen alle docenten van mijn faculteit (Scheikundige Technologie) bijeen in een congrescentrum in Deurne om de eerste ervaringen en resultaten van het nieuwe Bachelor College uit te wisselen. De vakken die werden besproken waren het TU-brede vak ‘wiskunde’ en het faculteit-specifieke vak ‘inleiding scheikunde en scheikundige technologie’. Bij ‘wiskunde’ kan je punten krijgen voor een begintoets en tussentijdse oefenopgaven, zodat het eindtentamen nog slechts voor 70% bijdraagt aan het eindcijfer. De eerste resultaten zijn behoorlijk positief. Maar liefst 76% van de studenten scheikundige technologie had de begintoets in een keer gehaald, en slechts 2 studenten haalden de herkansing niet. Als je nagaat dat er normaal gesproken ongeveer 40% van de studenten uitvalt in het eerste jaar, is dat zeker geen slechte score. Ook het faculteit-specifieke vak was goed verlopen. Enige nadeel van de nieuwe opzet (compensatoir toetsen met meerdere tussentoetsen) is dat het wel extra werk is voor de docenten om alles na te kijken, wat de enorme werkdruk nog verder verhoogt. Er werd dan ook het nodige beklag en allerhande suggesties voor gedaan.

Voor het tweede kwartaal begon, moesten de studenten ook al hun eerste keuze maken; er zit namelijk een keuzevak voor alle studenten in het tweede kwartaal. De meeste studenten (80%) kozen voor een keuzevak binnen de faculteit. Ze hadden immers net besloten om met deze studie te beginnen, dus waarom zou je nu al een vak buiten de faculteit kiezen? Toch koos ook 20% voor een keuzevak buiten de faculteit (zoals psychologie, economie of natuurkunde). De enorme keuzevrijheid vinden veel studenten eigenlijk ook wel lastig, vooral zo vroeg in de studie. Er zullen mentoren worden ingezet om de studenten hierbij te begeleiden.

Na drie jaar zullen de huidige eerstejaarsstudenten kunnen doorgaan in een ‘Graduate School’. De middag stond in het teken van de inhoud van de vakken die in de nieuwe ‘Master’ zullen worden aangeboden. Er was wat onenigheid over de invulling van de verschillende programma’s, omdat iedere docent zijn/haar eigen vakgebied het meest belangrijk vindt. Uiteindelijk is ervoor gekozen om slechts 5 vakken verplicht te stellen, en de rest als keuzevakken (al dan niet in coherente pakketten) aan te bieden. Dat betekent dat er nog veel meer keuzevrijheid in de Master zal zijn vergeleken bij de Bachelor.

Na een lange dag discussiëren over het onderwijs was er een borrel en een diner, zodat je nog wat kon napraten en eens de tijd had om een aantal collega’s te spreken. Om een uur of acht reed de bus weer terug naar Eindhoven.

Dinsdag 6 november

De dag begon met goed nieuws: er is een wetenschappelijk artikel van mijn promovendus (en waarvan ik mede-auteur ben) goedgekeurd voor publicatie in het tijdschrift ‘Green Chemistry’. Natuurlijk gelijk aan hem gemeld en hij was ontzettend blij met zijn eerste paper.

Op dinsdag probeer ik altijd mijn 8 promovendi even te spreken. We kijken dan of het onderzoek goed loopt, of er nog problemen waren, wat de resultaten waren in de afgelopen week en wat de plannen zijn voor de komende week. Ook vandaag dus even iedereen afgegaan, en dan is het al weer middag.

Rond de lunch hadden we een bespreking met een aantal hoogleraren en de directeur van DIFFER (Dutch Institute for Fundamental Energy Research). Het nieuwe DIFFER-gebouw komt namelijk op de campus van de TU/e te staan. We bespraken mogelijkheden om samen te werken met DIFFER, met name op het gebied van ‘solar fuels’. Dat is voor mij een mooie kans om mijn onderzoek naar nieuwe biologische oplosmiddelen (o.a. voor CO2-absorptie, voor lignocellulose, en voor artificiële fotosynthese) in te brengen.

Het bleef vandaag niet bij die ene kennismaking. ’s Middags maakte ik namelijk ook kennis met een nieuwe deeltijdhoogleraar aan de TU/e, en met de CEO van een spin-off bedrijf van de TU Delft. Dit netwerken is essentieel om aan nieuwe mogelijkheden voor samenwerking en financiering te komen. En het is natuurlijk altijd leuk om met gelijkgestemden over je werk te praten.

Dit kwartaal geef ik een keuzevak aan vierdejaarsstudenten. Het vak heet ‘ontwerpwedstrijd’. In een team van 2 studenten wordt een ontwerp gemaakt voor een fabriek die de verbinding aniline produceert. Er doen totaal 9 groepjes mee. Vanmiddag kwam 1 groepje langs om hun concept voor te leggen. Het zag er goed uit, en na wat tips konden ze weer verder aan de slag. Het vak eindigt in december met een ontwerp (op papier), een eindpresentatie en een verdediging. Een van de studenten had problemen met de financiering van haar studie (ze komt uit Iran en kennelijk is daar de inflatie nogal hoog, waardoor de kostprijs van de studie in Nederland steeds hoger wordt), en was daarom op zoek naar een baan als student-assistent. Ik heb haar doorverwezen naar de juiste personen.

Omdat ik een zoontje heb van 1 jaar, besloot ik vandaag al om 4 uur naar huis te gaan. Dan kan ik hem tot 7 uur zien en dan gaat hij naar bed. Daarna werk ik dan al mijn e-mails af, maar dan heb ik tussen 4 en 7 in ieder geval ook nog even van mijn gezin kunnen genieten.

Woensdag 7 november

Woensdag betekent mamadag. Dan werk ik thuis (totaal 4 uur) en pas ik tevens op mijn zoon. Hij is nu bijna anderhalf jaar. We ontbijten eerst en gaan samen spelen. Daarna gaan we naar muziek. Daar slaat hij op trommels en danst hij op muziek. Na afloop valt hij op weg naar huis in slaap. Zodra hij slaapt, ga ik aan het werk. Op mijn thuiswerkdagen krijg ik altijd veel werk verricht. Ik kan dan rustig schrijven aan projectvoorstellen of wetenschappelijke artikelen, zonder dat er de hele tijd mensen langskomen (wat wel gebeurt als ik op kantoor ben).

Vandaag corrigeer ik een artikel van een van mijn afstudeerders. De resultaten staan goed beschreven, maar de inleiding is niet zo sterk. Bovendien is zijn Engels niet zo goed. Alhoewel het corrigeren lang duurt, en ik zo’n artikel in mijn eentje sneller schrijft, vind ik toch dat mijn student het zelf moet proberen en dat ik het achteraf corrigeer. Uiteindelijk ben ik namelijk docent en moet mijn student nog leren hoe hij een goed artikel kan schrijven.

Als mijn zoon weer wakker wordt, gaan we lekker lunchen en daarna naar buiten. Ook even thuis spelen, terwijl ik wat opruim. Later op de middag valt hij weer in slaap en ga ik verder met het artikel van mijn afstudeerder. Ook schrijf ik nog een ‘referee’ rapport. Dat betekent dat ik mijn oordeel geef over een wetenschappelijk artikel van een andere groep, dat zij graag willen publiceren in een wetenschappelijk tijdschrift.

Na het avondeten, het badderen en de bedceremonie van mijn zoon, heb ik het referee rapport afgemaakt en opgestuurd naar de editor van het tijdschrift.

Donderdag 8 november

Vandaag blijkt het erg rustig op mijn werk. Twee van mijn promovendi zitten ziek thuis, en ook mijn lab technicus en een Erasmus-student komen niet naar werk in verband met ziekte. Kennelijk waart er een virus rond in mijn groep. En ik moet eerlijk bekennen dat ik mezelf ook niet helemaal optimaal voel. Maar ik heb niet de tijd om hier lang bij stil te staan. Morgen is de deadline voor het indienen van abstracts voor een congres (9th European Congress on Chemical Engineering), waarvan ik zelf ook een van de organisatoren ben. Ik ben van plan om hier met mijn hele groep naartoe te gaan, en ik wil ook graag dat al mijn promovendi hier hun werk presenteren, ofwel mondeling ofwel als poster. Dat betekent dat iedere promovendus een samenvatting van zijn/haar werk moet schrijven. Daarom check en corrigeer ik deze ochtend maar liefst 9 abstracts, en dien ik alles in een keer in.

Ook komen de drukproeven van een goedgekeurd artikel binnen. Dat betekent dat de tekst met figuren en tabellen in opgemaakt in de gewenste lay-out door het tijdschrift, en dat ik moet checken of alles er goed in staat. Ik vond nog slechts 2 kleine foutjes en heb die nog verbeterd voordat de uiteindelijke versie van het artikel wordt gepubliceerd.

’s Middags komt er eerst een journalist langs van ‘De Ingenieur’ die wil weten hoe met de procestechnologie in Nederland gaat. Hij interviewt alle mensen die hij 5 jaar geleden ook heeft gesproken over hetzelfde onderwerp.

Daarna kwamen er nog 2 groepjes studenten langs die aan de ontwerpwedstrijd deelnemen. Ik vind het vooral leuk om te zien dat er verschillende oplossingen voor hetzelfde probleem worden aangedragen. Ik ben erg tevreden met het resultaat.

Ik eindig de dag met het doorwerken van e-mails. Ik laat die vaak liggen tot later op de dag, omdat ik liever begin met de dingen waar ik zelf het initiatief toe neem en die ik zelf belangrijk vind. E-mail afhandelen vind ik vaak reactief (reageren op anderen) en niet proactief (uit eigen beweging). Gelukkig ben ik redelijk op tijd thuis, zodat ik rustig met mijn gezin kan eten, en mijn zoon in bed kan leggen. ’s Avonds werk ik nog wat meer e-mails door, maar ga wel redelijk bijtijds naar bed.

Vrijdag 9 november

’s Ochtends heb ik eerst met mijn secretaresse de lopende zaken doorgenomen, zoals de nieuwe afspraken in mijn agenda, de binnengekomen facturen en declaraties, het tijdschrijven en de vakantieaanvragen van mijn medewerkers, de nieuwste output, het organiseren van een Europees project meeting in Eindhoven en het maken van een website voor ‘kennis op straat’ van De Jonge Akademie. Ik ben heel blij met mijn secretaresse, want dat scheelt me heel veel administratief werk.

Vervolgens heb ik met mijn afstudeerder het artikel doorgenomen dat ik afgelopen woensdag had gecorrigeerd. Hij gaat het aanpassen en verder afmaken, zodat we weer een iteratieslag verder zijn gekomen. Ik denk dat het wel gaat lukken om het artikel binnen 1 a 2 weken bij een wetenschappelijk tijdschrift in te dienen.

Daarna bezig geweest met een onderzoeksvoorstel. Het betreft een nieuw Europees consortium voor afvang van koolstofdioxide. Ik probeerde de doelen van mijn ‘work package’ op een kernachtige manier te beschrijven, maar het werd al snel te lang en het was best lastig om het stuk in te korten zonder belangrijke informatie te schrappen. Komt maandag wel weer, want de deadline is pas over een week of twee.

Op vrijdagmiddag volgt het hoogtepunt van de week. Dan kan ik eindelijk zelf het lab in! Lekker even kijken bij mijn promovendi en misschien wel zelf een proefje doen. Uiteindelijk werk ik op de universiteit omdat ik onderzoek zo leuk vind, maar nu heb ik meer een managementbaan dan een onderzoeksbaan. Ook leuk, maar toch ben ik blij dat ik eventjes tijd heb om het lab binnen te treden. Dit is altijd een heel productieve middag. Ik heb uitgebreid te tijd voor mijn promovendi en studenten, en kan direct zien wat goed loopt en waar de problemen zitten. Op de een of andere manier is het ook altijd minder formeel dan een voortgangsgesprek op mijn kantoor, en kom ik ook meer persoonlijke dingen te weten. De tijd vliegt en dan is het weekend. Lekker naar huis, mijn man heeft al gekookt, en ’s avonds niet meer aan werk gedacht.


Fotografie: Wieke Eefting

Zaterdag 10 november

Zaterdag is echt de dag voor mijn gezin. Het is de enige dag dat ik mijn computer probeer uit te laten, en al helemaal geen e-mails lees. In plaats daarvan heb ik lekker de tijd om met mijn man en zoon te ontbijten, de boodschappen te doen, een wandeling naar de speeltuin te maken, lekker in de tuin te rommelen, uitgebreid te koken, en ook het huis op te ruimen.

Zondag 11 november

Op zondagochtend schrijf ik weliswaar nog wel een referee rapport, maar ’s middags gaan we met z’n drieën op bezoek bij vrienden in het westen van het land. Dat combineren we gelijk met een bezoekje aan het strand. Heerlijk uitwaaien! Na het eten terug naar huis en even nog wat e-mails gecheckt en dit dagboek afgewerkt. Verder een ontspannen avondje.


Ga terug naar de bovenkant van deze pagina
Ga terug naar de inhoud
Ga terug naar de site navigatie
Ga terug naar zoeken